Staatsbezoek aan het Groothertogdom Luxemburg - Galadiner aangeboden door de Groothertog en de Groothertogin van Luxemburg

  • 17/03/1994
Zie ook:
Thema:

Koninklijke Hoogheden,
Dames en Heren,

Geen enkele uitnodiging kon de Koningin en mezelf meer verblijden dan deze die ons de mogelijkheid biedt om ons voor de eerste maal op Staatsbezoek in het buitenland te begeven naar het land dat ons, om tal van redenen, zo nabij en zo dierbaar is : het Groothertogdom Luxemburg.

Met ons is het de ganse Belgische bevolking die U dank zegt voor het hartelijk onthaal waarmee het Luxemburgse volk ons verwelkomt.

Wij zijn ook bijzonder getroffen geweest door de blijken van sympathie die zeer vele Luxemburgse vrienden ons betoonden bij het heengaan van mijn broer, Koning Boudewijn. Ik zou deze gelegenheid te baat willen nemen om hen vanavond van ganser harte te danken voor hun talrijke en vriendelijke attenties.

Koninklijke Hoogheid,

De vriendschap tussen onze twee landen behoeft geen geschriften opdat ze zou bestaan, noch verdragen om tot uitdrukking te komen. De werkelijkheid om ons heen levert hiervan elke dag het bewijs. In de wereld treft men zelden twee landen aan die, zoals de onze, zo nauw met elkaar verbonden zijn door eeuwenoude vriendschap, door familiale banden, door het toeval van de ligging en door de herinnering aan grootse ondernemingen die samen werden volbracht.

Eén van die ondernemingen is ontegensprekelijk de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie die, ook vandaag nog, het kader vormt voor de samenwerking tussen onze beide landen. Deze Economische Unie heeft, samen met onze samenwerking in Benelux-verband, een bijzondere dimensie gegeven aan onze wederzijdse betrekkingen. Terzelfdertijd waren zij een inspiratiebron voor de grondleggers van Europa toen de idee van een Europese eenmaking in de na-oorlogse periode schuchter ontlook.

Onze nauwe samenwerking heeft aldus veel bijgedragen tot de Europese Unie die wij vandaag kennen en die aan de basis ligt van onze welvaart en ons welzijn. Onze twee Landen mogen zich daarover verheugen.

Koninklijke Hoogheid,

Onder de volkeren van ons continent heeft het Groothertogdom zich altijd weten te onderscheiden doordat het onwrikbare trouw aan eigen tradities deed samengaan met een wijde blik over de eigen grenzen heen. Dit evenwicht tussen traditie en openheid is ongetwijfeld één van de meest specifieke bijdragen van uw Land tot de internationale samenleving.

Deze openheid op de wereld vond haar meest vruchtbare uitdrukking in de schoot van de Europese Unie.

In dit verband past het overigens hulde te brengen aan twee eminente Staatslieden van uw Land, die door hun sterke persoonlijkheid en hun overtuiging een buitengewone bijdrage hebben geleverd aan het Europese epos dat wij thans beleven.

In de eerste plaats was er de Heer Joseph Bech, Eerste Minister van Groothertogin Charlotte. Hij heeft altijd de ambitie gehad, en ik citeer : "het economisch Europa te doen samengaan met politieke toenadering".

Vervolgens was Minister van State Pierre Werner, die zijn vriendschap voor ons land nooit beschaamde en wiens plan zonder twijfel een stemple heeft gedrukt op de in opbouw zijnde Economische en Monetaire Unie.

De wijsheid van deze Staatslieden, samen met hun vermogen om de toekomst moedig tegemoet te treden, strekken uw Land tot eer.

Sta mij ook toe in eenzelfde geest twee opmerkelijke successen in herinnering te brengen van het Luxemburgse voorzitterschap van de Europese Gemeenschappen, die geboekt werden in twee gedenkwaardige omstandigheden.

Vooreerst in juli 1985, toen aan het Groothertogdom de delicate opdracht werd toevertrouwd een intergouvernementele conferentie bijeen te roepen om het Verdrag van Rome te herzien, wat zou leiden tot de Europese Eenheidsakte.

Zes jaar later, toen uw Land in juli 1991 de uitdaging aanvaardde om gelijktijdig de basis te leggen voor de oprichting van zowel de Europese Economische en Monetaire Unie als van de Politieke Unie, werd deze taak volbracht tijdens twee gelijklopende intergouvernementele conferenties, die door uw Land op een schitterende wijze werden geleid.

In deze laatste aangelegenheid trad Belgïë zonder enig voorbehoud de stelling van uw Voorzitterschap bij, dat voorhield, en ik citeer : "Een eenheidsmarkt zonder eenheidsmunt, en een economische en monetaire unie zonder politieke unie, zouden in het beste geval onvoltooide constructies zijn. een unie zonder gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid zou een kwetsbare economische reus zijn met weinig geloofwaardigheid op wereldvlak". Einde citaat.

Het zijn diezelfde inspiratie en diezelfde kijk op de wereld die het Groothertogdom ertoe hebben gebracht zich in een geest van edelmoedigheid en solidariteit ver buiten de grenzen van de Europese Unie in te zetten. Uw Land heeft aldus in verhouding tot zijn eigen bevolking een groot aantal politieke vluchtelingen opgenomen. Onder de leiding van de Verenigde Naties, neemt het ook moedig deel aan humanitaire en aan vredesoperaties, zoals vandaag nog in het voormalige Joegoslavië.

In dit verband verheug ik mij erover dat de Europese Unie en de Navo uiteindelijk tot een vastberaden en gemeenschappelijk standpunt zijn gekomen ten opzichte van het afschuwelijk drama dat zich afspeelt in Bosnië-Herzegovina.

Naast uw openheid op de wereld heb ik ook uw trouw aan de traditie vermeld.

Door de wisselvalligheden van de geschiedenis heen hebben de Luxemburgers, met taaie moed, steeds opnieuw bewezen hoe gehecht ze zijn aan hun Land, aan hun cultuur en aan de taal die deze cultuur belichaamt en levendig houdt.

Zodoende hebben de Luxemburgers, op hun eigen manier, bijgedragen tot het vrijwaren van onze Europese verscheidenheid ; deze verscheidenheid is de grote schat die de geschiedenis ons heeft nagelaten en die wij met zorg moeten beschermen.

Zoals België bevindt het Groothertogdom zich op het kruispunt van de twee grote culturele stromingen die in ruime mate ons continent hebben beïnvloed. Deze ligging werkt vooreerst wederzijdse verrijking in de hand. Ze bevordert bovendien een geestesgesteldheid die het mogelijk maakt om de mentaliteit van anderen te begrijpen, en ze leidt tenslotte tot grote verdraagzaamheid.

Dames en Heren,

Op het einde van deze eerste dag in de mooie Stad Luxemburg, waar het Europese gemeenschapsleven het daglicht zag en waar zich nu meerdere Europese instellingen hebben gevestigd, moge ik U voorstellen het glas te heffen op Hunne Koninklijke Hoogheden de Groothertog en de Groothertogin van Luxemburg en op het Europese ideaal dat ons allen bezielt en dat onze beide Landen zo nauw verenigt in éénzelfde taak waar wij geroepen zijn om onszelf te overtreffen.