Koninklijk Paleis te Brussel

                                    

Samen met het Paleis der Natie, zetel van het Federaal Parlement dat aan het andere uiteinde van het Warandepark is gevestigd, symboliseert het Koninklijk Paleis te Brussel in zekere zin de grondwettelijke monarchie.

Koninklijk Paleis

Het Koninklijk Paleis te Brussel is de administratieve residentie en de voornaamste werkplaats van de Koning. Hij werkt er dagelijks met zijn medewerkers. In zijn bureau op het Koninklijk Paleis te Brussel ontvangt de Koning vertegenwoordigers van de politieke instellingen, buitenlandse gasten (Staatshoofden, ambassadeurs) en andere genodigden.

Naast het bureau van de Koning en dat van de Koningin bevinden zich ook in het Koninklijk Paleis de diensten van het Huis van Zijne Majesteit de Koning: het Kabinet van de Koning, het Secretariaat-Generaal, de Civiele Lijst, het Militair Huis, de dienst Protocol en het Secretariaat van de Koningin. De andere leden van de Koninklijke Familie alsook hun medewerkers beschikken er over een bureau.

Het Paleis beschikt ook over Salons met uitzonderlijke pracht waar verschillende activiteiten van de Koning en de Koningin worden georganiseerd (werkvergaderingen en ronde tafels, recepties, concerten, lunchen,…) alsook over appartementen die ter beschikking worden gesteld van staatshoofden bij officiële bezoeken.

Sinds 1965 wil de traditie dat het Koninklijk Paleis te Brussel jaarlijks opengesteld wordt voor het grote publiek zodat dit ook de pracht van deze historische salons kan bewonderen. Dit bezoek is mogelijk tijdens de zomer, na de Nationale Feestdag van 21 juli tot begin september.

 

 

 

 

 

 

 

De Erevestibule en Eretrap

Koninklijk Paleis - De Erevestibule Deze indrukwekkende ruimte werd ontworpen door Alphonse Balat, in opdracht van Koning Leopold II. De heldere muren en stenen zuilen, het witte marmer van de statige trap, het groene marmer van de trapleuning, de indrukwekkende kandelaars, de vergulde versieringen, de spiegels en grote ramen, de marmeren Minerva dragen bij tot de harmonie van het geheel.
Koninklijk Paleis - de eretrap

 

 

 

 

 

Grote Voorkamer

Koninklijk Paleis - de grote voorkamerDe Grote Voorkamer dateert uit de Nederlandse tijd, toen de Zuidelijke en Noordelijke Nederlanden na de Slag bij Waterloo tot één Koninkrijk werden verenigd, met Koning Willem I op de troon (1815-1830). In de fries die om de hele zaal loopt, wordt die politieke achtergrond afgebeeld.

De pendantportretten van Prins Leopold van Saksen-Coburg (de latere Koning Leopold I) en zijn echtgenote Prinses Charlotte van Wales zijn van de Engelse schilder George Dawe (1781-1829).

Empirezaal

Koninklijk Paleis - de empirezaalDe Empirezaal behoort tot het oudste gedeelte van het Paleis. Hier bevond zich de danszaal van de Oostenrijkse gevolmachtigde minister. De vergulde versieringen en bas-reliëfs met dansende en musicerende engeltjes getuigen nog van de levensstijl van de hoge kringen aan het einde van het Ancien Régime. De zaal werd later vergroot onder het Koningschap van Willem I.

De vrouwelijke figuren boven de spiegels dateren eveneens uit zijn periode, een ontwerp van Jean-Louis Van Geel. Bij bepaalde gelegenheden ligt midden in de zaal een prachtig Kirmantapijt, dat echter niet permanent aan licht kan worden blootgesteld. Het was een geschenk van Moezaffar al-Din Sjah van Perzië aan Koning Leopold II tijdens een staatsbezoek aan België omstreeks 1900.

Het werk De bloemen van het Koninklijk Paleis van Patrick Corillon werd speciaal gemaakt voor deze ruimte en siert sinds 2004 de wandconsoles. Het werk bestaat uit elf potten met daarin aarde uit de verschillende Belgische provincies en Brussel. Elke pot vertelt een legende of een verhaal over bloemen die symbool staan voor de Belgische provincies en de hoofdstad: de iris voor Brussel, de maagdenpalm voor Oost-Vlaanderen, de primula voor Namen, de hyacint voor Henegouwen, de klaproos voor Vlaams-Brabant, de brem voor Limburg, het viooltje voor Luik, de boterbloem voor Waals-Brabant, de anemoon voor Luxemburg, heidetakken voor Antwerpen en het madeliefje voor West-Vlaanderen.

Vroeger vonden er in dit prachtige decor heel wat concerten, hofbals en andere plechtigheden plaats. Nu wordt het nog steeds gebruikt om plechtigheden te organiseren. Zo worden buitenlandse ambassadeurs in deze ruimte ontvangen wanneer ze hun geloofsbrieven aan de Koning komen overhandigen.

Het Klein en het Groot Wit Salon

Koninklijk Paleis - Het klein en het groot wit salonSamen met de Empirezaal vormden deze salons het staatsie-appartement van de woning van de Oostenrijkse minister. De oorspronkelijke laat 18de eeuwse decoratie werd vrij getrouw bewaard. De meubelen in Empirestijl in de beide salons waren een huwelijksgeschenk van de Koning der Fransen Louis-Philippe aan zijn dochter Louise-Marie en Koning Leopold I. Het meubilair heeft nog zijn originele bekleding van tapijtwerk van Beauvais.

Het Klein Wit Salon is versierd met portretten van Koningin Louise-Marie en haar ouders, Koning Louis-Philippe en Koningin Marie-Amélie van Bourbon.

Venetiëtrap

Koninklijk Paleis - de Venetiëtrap

 

Dit deel van het Paleis werd in de tweede helft van de 19e euw verbouwd onder toezicht van architect Alphonse Balat. De grote olieverfschilderijen zijn het werk van kunstschilder Jean-Baptiste van Moer (1819-1884). 

 

 

 

 

 

Het Goyasalon

Koninklijk Paleis - het Goyasalon

Dit salon dankt zijn naam aan de wandtapijten "De Dans", "Blindemannetje" en "De Waterdraagster". Deze wandtapijten werden geweven te Madrid naar ontwerpen van  de schilder Francisco de Goya (1746-1828). Ze zijn een geschenk van Koningin Isabella II van Spanje aan Koning Leopold I.

 

 

Coburgsalon

Koninklijk Paleis - het Coburgsalon

De schilderijen in dit salon stellen Koning Leopold I en familieleden van de Coburgs voor: de ouders van Koning Leopold I, hertog Frans van Saksen-Coburg-Saalfeld en Augusta van Reuss-Ebersdorf; de ouders van Koningin Victoria van Engeland, Edward, hertog van Kent en Victoria van Saksen-Coburg die een zus van Koning Leopold I was. Portret van Prins Friedrich-Josias van Saksen-Coburg, een grootoom van Koning Leopold I en het staatsieportret van Koningin Louise-Marie.

 

Lodewijk XVI-salon

Koninklijk Paleis - het Lodewijk XVI-salonDit salon, evenals het Blauwe salon of het Pilastersalon en het Maarschalkensalon, dateert uit de tijd van Koning Willem I. Het Lodewijk XVI-salon deed vroeger dienst als voorkamer. Later werd ze als salon ingericht. Naast portretten van familieleden van Koning Leopold I zijn hier enkele schilderijen uit zijn persoonlijke collectie bijeengebracht. De voorstelling van zijn overleden eerste echtgenote, Allegorie van de dood van Prinses Charlotte, is een werk van de Engelse historie- en portretschilder Arthur William Devis (1762-1822). Dit salon werd in 201 gerenoveerd en bij deze gelegenheid werd het werk Lakei van Michaël Borremans toegevoegd.

Het Pilasterssalon

Koninklijk Paleis - het PilasterssalonDit salon was oorspronkelijk een wachtkamer en nadien deed het dienst als eetkamer voor de hofdignitarissen. De armstoelen in Empirestijl maken deel uit van het meubilair dat door Napoleon Bonaparte en Joséphine de Beauharnais gebruikt werden. De harp werd vermoedelijk door Koningin Louise-Marie bespeeld.

Het portret  van Koning Leopold I werd geschilderd door Franz-Xaver Winterhalter en dateert van 1846.

Het Salon van de Maarschalken

Koninklijk Paleis - Het Salon van de Maarschalken

Dit salon was oorspronkelijk het audiëntiesalon van Koning Willem I der Nederlanden. In 2010 kreeg het Salon een nieuwe inrichting en werd het werk van Borremans aangebracht. De schilderijen stellen een ‘lakei’ of een paleisbode voor in vreemde situaties.

De wereldbol Erdglobus für den Weltverkehr  (uit 1909) en het cilinderbureau stonden oorspronkelijk in de werkkamer van Koning Albert I. De klok is een opmerkelijk werkstuk van de befaamde Lierse uurwerkmaker-astronoom. Het bestaat uit verschillende wijzerplaten, die respectievelijk het uur, de datum, dag van de week, de maand, het teken van de dierenriem en zo meer aantonen.

De Troonzaal

Koninklijk Paleis - de troonzaal

Deze zaal werd gebouwd onder de regering van Koning Leopold II en was het werk van de architect Balat. Naast de Troonzaal (of de Balzaal) bouwde hij ook de Marmeren zaal, de Grote galerij en het Salon van de Denker. Balat liet zich  voor de bouwwerken inspireren door de Franse architectuur. Voor het beeldhouwwerk deed de architect onder meer beroep op Auguste Rodin (1840-1917) en Thomas Vinçotte (1850-1925).

Rodin werkte mee aan de decoratie in het middendeel van de zaal. Elk reliëf stelt twee economische activiteiten voor die in de verschillende Belgische provincies worden of werden beoefend: de jacht (Luxemburg) en de industrie (Luik), de visvangst (West-Vlaanderen) en de textielnijverheid (Oost-Vlaanderen), de overzeese handel (Antwerpen) en de veeteelt (Limburg), de mijnbouw (Henegouwen) en de steenhouwerij (Namen). De provincie Brabant is impliciet aanwezig omdat het Paleis op Brabantse bodem ligt.
De bas-reliëfs boven de deuren aan weerszij van de Troonzaal werden verwezenlijkt door Vinçotte. Het stelt de Maas (vrouwelijke figuur) en de Schelde (mannelijke figuur) voor; symbolen van Wallonië en Vlaanderen. Het parket in eikenhout en exotische houtsoorten, de bronzen luchters en de vergulde versieringen geven aan de Troonzaal een monumentaal en indrukwekkend karakter.

    

Marmeren zaal

Koninklijk Paleis - marmeren zaalDe Marmeren Zaal ligt aan de achterkant van het Paleis. Door het overvloedig gebruik van groen marmer en de ruiterportretten heeft deze zaal een statig karakter. De ruiterportretten van Godfried Van Bouillon en Keizer Karel zijn het werk van de kunstenaar Louis Gaillait (1870-1887). Ze refereren aan de historische wortels van de jonge Belgische staat.

Deze zaal was oorspronkelijk de eetkamer van Koning Leopold II. De hoofdkeuken van het Paleis bevindt zich in de kelders onder de Marmeren Zaal, maar de fornuizen van de anderhalve eeuw oude keuken worden niet meer gebruikt. 

De Grote Galerij

Koninklijk Paleis - de grote galerij

Deze galazaal werd gebouwd onder het Koningschap van Koning Leopold II. Vandaag is deze zaal nog steeds de geëigende ruimte voor recepties en diners. De plafondschilderingen van Charles-Léon Cardon (1850-1921) stellen de verschillende fases van de dag voor: van het ochtendgloren tot de avondschemering. De kunstenaar liet zich inspireren door het werk van de Franse hofschilders in het Louvre en het Kasteel van Versailles.

 

 

 

 

De Spiegelzaal

Koninklijk Paleis - de spiegelzaal

Deze zaal werd in de eerste jaren van de 20e eeuw gebouwd en ingericht. Koning Leopold II wilde dat deze zaal in het teken stond van Congo. De frontons boven de schoorsteenmantels werden versierd met een kaart van Afrika. Koning Leopold II stierf voor de werken werden beëindigd.

De werken werden verder voltooid onder Koning Albert I. De oorspronkelijk geplande allegorische taferelen over het Afrikaanse continent moesten wijken voor spiegels en het plafond werd niet versierd.

Pas in 2002 kreeg Jan Fabre de gelegenheid om in deze ruimte een kunstwerk te verwezenlijken. Hij liet het nooit afgewerkte plafond en één van de drie kroonluchters bekleden met bijna anderhalf miljoen glanzende juweelkeverschildjes. Het werk draagt de titel ‘Heaven of Delight’ of ‘De tuin der lusten’. Deze zaal wordt nog dikwijls gebruikt voor feestelijke aangelegenheden.

 

Salon van de Denker (Vierkant Salon)

Koninklijk Paleis - Salon van de Denker (Vierkant Salon)

 

Dit vertrek heet Salon van de Denker naar de klok met een bronzen reproductie van Il Pensieroso (de Denker) van Michelangelo, die de schoorsteen siert.

Bij het overlijden van een lid van de Koninklijke Familie wordt deze ruimte als rouwkapel ingericht.

 

Mobile site hier